Van Kamanjab naar Etosha

We staan op tijd op want het is nog een stukje rijden naar de Andersongate van Etosha National Park. We kiezen ervoor om deze ingang te nemen in plaats van de nieuwe gate omdat we naar de Anderson Gate over asfalt kunnen rijden wat een stuk sneller rijdt dan de gravelwegen naar de nieuwe Gate. Qua tijd doen we er ongeveer even lang over maar wanneer we de Anderson Gate nemen zijn we al verder richting Halali waar we overnachten.
Als echte dierenliefhebbers is het bezoek aan Etosha natuurlijk wel een van de hoogtepunten van onze reis. Vandaar ook dat we hier vier nachten gaan verblijven.

Klik hier voor de kaart van Etosha met daarop ook de wegen en de afstanden.

Wat is Etosha nu eigenlijk? In de taal van de Ovambo-stam betekent Etosha ‘grote witte plek”. Volgens de legende vloeide de formatie van de Etosha Pan voort uit een klein dorp dat overvallen was en waar iedereen werd afgeslacht behalve de vrouw. Eén van de vrouwen was zo van streek door de dood van haar hele familie dat ze huilde totdat haar tranen een enorm meer vormden dat uiteindelijk opdroogde en een enorme witte pan achterliet.
Etosha National Park is  een gebied van 22.270 km² (ongeveer te vergelijken met de helft van Nederland) en dankt de naam aan de grote Etosha-pan die bijna volledig in het park is. De Etosha Pan is een uitgestrekt, kaal, open gebied van glinsterend groen en wit dat ongeveer 4.800km² beslaat, bijna een kwart van het prachtige Etosha National Park. De zoutpan is het meest opvallende geologische kenmerk in het nationale park Etosha. De zoutpan is meestal droog, maar vult zich in de zomer kort met water, dan zijn er ook pelikanen en flamingo’s te vinden.

Het park heeft ongeveer 114 zoogdiersoorten, 340 vogelsoorten, 110 reptielsoorten, 16 soorten amfibieën en 1 vissoort (tot 49 soorten vissen tijdens overstromingen) waaronder ook verschillende bedreigde diersoorten zoals de zwarte neushoorn.

Etosha National Park heeft tal van waterpoelen, waaronder zowel natuurlijke bronnen en fonteinen als andere gevoed door kunstmatige boorgaten. Sommige van de kampen in het park bieden de unieke ervaring van verlichte waterpoelen om ’s nachts te kunnen kijken.

Aan het eind van de ochtend bereiken we Etosha. en zodra we Etosha National Park inrijden zien we de eerste wilde dieren al en bij de eerste waterpoel worden we getrakteerd op heel veel zebra’s Het lievelingsdier van Sanne. Dus die was al mooi in de pocket. Na een tijdje gekeken te hebben, besluiten we verder te rijden. Je mag in het park maximaal 60 km per uur rijden en we moeten ons voor vijf uur melden bij het camp waar we overnachten. Aangezien we natuurlijk niet weten wat we onderweg nog gaan zien, rijden we dus rustig verder.

Na een tijdje rondgereden te hebben besluiten we bij Olifantsbad te gaan picknicken. In Etosha mag je namelijk niet zomaar uit je auto stappen. Logisch vinden wij maar blijkbaar denkt niet iedereen daar zo over zoals we ook later zien vandaag…
De picknickplaatsen zijn over het algemeen goed aangegeven en vaak staat er een hek omheen zodat de gevaarlijke dieren er niet kunnen komen. Toiletten zijn er soms wel maar je weet nooit of ze ook nog echt doorspoelen of dat het er in een hoop boven op ligt.
Maar goed, dit zijn ook de plaatsen waar je je oren goed de kost moet geven. Vaak gaan mensen onderling met elkaar bespreken wat ze gezien hebben, maar ook vertellen ze anderen wanneer ze een dier van de Big Five gespot hebben. Vooral luipaarden en leeuwen zijn dieren die iedereen hoopt te zien.
Tijdens de lunch hoorde ik een Belg tegen zijn vrouw zeggen dat hij gehoord had dat er 5 km verderop een luipaard in een boom gezien was. Dat is natuurlijk zo’n moment dat je een praatje aanknoopt met iemand die een locatie weet om zo ook te weten waar je kunt gaan kijken. Na onze lunch besluiten we eerst nog even naar de waterpoel bij Olifantsbad te gaan kijken en daarna richting de plek waar het luipaard gezien is te rijden. Natuurlijk is het geen garantie dat je het dier dan ook echt ziet, want wie weet is het daar al niet meer en er staal legio bomen waar zo’n dier in kan liggen maar het is het proberen waard.
Bij de waterpoel zien we eerst nog een hele kudde olifanten met kleintjes die van het water genieten. Wanneer we daar een hele tijd hebben gekeken. Daarna vervolgen we onze zoektocht op weg naar het luipaard. Vanaf een km of vier gaan we extra goed opletten in de bomen en ja hoor na ongeveer 5-6 km zien we een aantal auto’s stilstaan. En je weet, wanneer je een aantal auto’s bij elkaar stil ziet staan en het is niet bij een waterpoel dan is er iets bijzonders als een grote kat te zien. En ja hoor al snel zagen we het luipaard in de boom liggen. We zagen zijn achterhand en de staart. Dus ik parkeerde de auto bij de andere auto’s en we genoten van ons uitzicht.
Steeds meer auto’s kwamen erbij staan en ja dan heb je helaas ook van die mensen die zich niet aan de regels houden. Deuren van een minibusje gingen open en in de deuropening stonden drie kleine kinderen op een rijtje. Een hapklaar hapje voor het luipaard zou je zeggen… Even later kwam er ook nog een auto waarbij de toeristen hals uit de auto hingen voor een mooie foto, maar dat was nog niet de juiste pose dus klommen ze maar op het dak van de auto. Zich niet bewust van het gevaar waarin ze zichzelf brachten.
Inmiddels vond het luipaard het allemaal wel interessant wat er allemaal achter zijn rug voltrok en hij besloot zich eens op zijn gemakje om te draaien zodat hij alles goed kon zien. Regelmatig zag je dat het luipaard nog eens echt goed keek wat er allemaal gebeurde. Terwijl we met meerdere mensen ons afvroegen hoe iemand op 15 meter van een luipaard zulk onverantwoord gedrag kon vertonen, deden mensen de gekste dingen om maar een mooie foto te kunnen maken. Na een hele lange tijd zijn we weer verder gereden om te zorgen dat we op tijd bij Halali konden zijn.

Een zebra-pad

Onderweg zagen we nog diverse andere dieren. Maar onze stoutste droom werd werkelijkheid. Nog nooit in al die jaren dat we al naar Afrika zijn geweest zagen we Cheeta’s in het wild. En nu toen we in de buurt van Halali kwamen zag ik vanuit mijn ooghoek een grote kat tevoorschijn komen. Ik trapte meteen op de rem en reed zachtjes terug. Dat was natuurlijk helemaal mooi. Geen enkele andere toerist in de buurt en wij hadden een mooi zicht op een Cheeta en ze bleek ook nog twee kleintjes bij zich te hebben. Dit was genieten!.
Terwijl wij rustig blijven kijken, stak ze met haar kleintjes de weg over en zocht haar weg in het hoge gras. Op dat moment kwam er een andere auto aanrijden en stopten vlak bij ons. Ze zagen wat wij zagen en bedankten ons voor dit mooie beeld. Toen ze niet meer te zien was zijn we verder gereden. Want was dat sm3ullen. Een Luipaard en een jachtluipaard op één middag.

Tegen half vijf bereiken we Halali. Hier gaan we overnachten. Halali Camp ligt halverwege tussen Namutoni en Okaukuejo. ‘Halal’ is het Duitse woord voor het traditionele einde van een jacht. Het kamp betekent het einde van de jacht op wild en de opkomst van ecotoerisme in Namibië.
Nadat we een kampeerplekje hebben uitgezocht gaan we naar via korte wandeling brengt naar de waterpoel van het kamp. Daar zien we de zon ondergaan waarna we besluiten om wat te gaan eten. Zodat we na het eten weer terug kunnen lopen naar de waterpoel om in het donker te gaan zitten kijken en geduldig afwachten of er dieren komen.

Na het eten gaan we terug naar de waterpoel. We zien wat jakhalzen, een haas, wat volgens en net als Michel en Bas terug gaan zijn bij de tent zien Sanne en ik een zwarte neushoorn met jong. Hoe weten we in het donker dat het een zwarte neushoorn is? Nou bij een zwarte neushoorn loopt het jong altijd achterop en bij de witte neushoorn loopt het kind altijd voorop. Wij genieten met volle teugen als echte safari liefhebbers. Wanneer we wanneer de neushoorn weer vertrekt ook stilletjes terug gaan naar de tent besluiten we dat we ontzettend boffen dat we dit vandaag allemaal mogen meemaken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

error: Gelieve geen tekst of foto\'s zonder toestemming te kopiëren.